Original source (on modern site) | Article images: [1] [2]
Een muurschildering van de Cubaanse vlag. Cuba bevindt zich dezer dagen in het kloppende hart van een geopolitieke storm. Donald Trump wil het eiland op de knieën dwingen, nadat hij eerder dit jaar Venezuela in de pas had gedwongen met militair machtsvertoon. Doet ie het of doet ie het niet? Valt Trump Cuba binnen? Er gaat een hele lange geschiedenis van vijandschap en wrijving tussen Cuba en de VS aan vooraf. Björn Soenens richt zijn wekelijkse blik dit keer op de oorsprong en de wortels van al het oud zeer tussen Cuba en Amerika. Cuba leeft anno 2026 als een eiland dat tegelijk bevroren en versleten aanvoelt. Alsof de geschiedenis er niet voorbijgaat, maar zich telkens opnieuw afspeelt in dezelfde stoffige straten van Havana. Oude Chevrolets uit de jaren 50 van de vorige eeuw puffen nog altijd blauwe rook uit over de Malecón. De gevels bladderen verder af. De elektriciteit valt het grootste deel van de dag uit. Jongeren dromen al lang niet meer van revolutie, maar van weg naar elders. Toch begon het ooit met hoop. In januari 1959 trok Fidel Castro Havana binnen als een revolutionaire messias. Cuba had jarenlang gekreund onder de dictatuur van Fulgencio Batista, een regime dat corruptie en ongelijkheid had genormaliseerd, terwijl Amerikaanse bedrijven suikerplantages, casino's en hotels controleerden. Fidel Castro verdreef de Amerikanen uit Cuba in 1959 Havana was de tropische achtertuin van Amerikaanse toeristen en maffiosi. De Amerikaanse onderwereld kon er ongestoord zijn casino's en prostitutienetwerken uitbaten. Havana werd het Las Vegas van de Caraïben genoemd. Voor veel Cubanen voelde hun eigen land als een verlengstuk van de VS. Het begon in feite al ruim een halve eeuw eerder. In 1898 versloegen de Verenigde Staten Spanje in amper vier maanden tijd. Amerika nam de controle over Puerto Rico, Guam, de Filipijnen en Cuba over van de Spanjaarden. Cuba, dat al decennia bloedde voor zijn onafhankelijkheid, zag hoe zijn zogezegde bevrijders meteen vervelden in de nieuwe meesters. Washington installeerde geen gouverneur met een koloniaal uniform. Dat was niet het Amerikaanse systeem. Amerika werkte liever wat minder brutaal zichtbaar: met contracten, dollars en clausules. De Platt-amendementen van 1901 waren glashelder: Cuba mocht zichzelf besturen, zolang Amerika het daarmee eens was. De VS behield het recht om militair in te grijpen wanneer de 'stabiliteit' in gevaar kwam, lees: wanneer de Amerikaanse belangen werden geschaad. Guantánamo Bay werd afgestaan aan de VS als marinebasis. Voor eeuwig, stond er. Eeuwig duurt lang op een eiland dat nauwelijks anderhalve keer groter is dan Ierland. Wat volgde was geen bezetting in de klassieke zin. Het was een economische kolonisatie. Amerikaanse suikerbedrijven kochten land op. United Fruit Company plantte haar bananenrepubliek-logica tot diep in de vruchtbare vallei van Oriente, in het oosten van Cuba. Tegen de jaren 20 van de 20e eeuw was meer dan 60 procent van de Cubaanse suikerproductie in Amerikaanse handen, voor de productie van rum, zoals Bacardi. De Cubanen lieten in die tijd hun sigaren roken door Yankee-kapitalisten die in Miami sliepen. Wat volgde was geen bezetting van Cuba in de klassieke zin. Het was een economische kolonisatie. Havana wekt voortdurend de aanblik van de jaren 50. Alsof de tijd is bevroren. Batista begreep de spelregels. Fulgencio Batista, generaal, dictator en CIA-lieveling, opende de poorten van Havana voor de Amerikaanse maffia en het toerisme. Het Tropicana werd een speelhal voor rijke Amerikanen. De casino's bloeiden. De armoede ook. Intussen, in de dichtbeboste, ontoegankelijke heuvels van de , trok een man met een baard en een geweer zijn conclusies. Want dat is wat mensen doen - zegt men - wanneer hun land een decorstuk wordt voor de weelde van iemand anders. Fidel Castro was geen communist uit overtuiging. Hij was in feite een nationalist die zag hoe zijn eiland systematisch werd leeggezogen. De Cubaanse revolutie van 1959 - die Castro leidde samen met zijn kompaan Ernesto 'Che' Guevara - was geen Russisch importproduct. Het was de uitbarsting van een opgekropte woede die 60 jaar had liggen gisten. Fidel Castro, 'De Baard', met zijn eeuwige Cubaanse sigaar. De Cubaanse revolutie was in haar kern een opstand tegen ongelijkheid en afhankelijkheid. Onder dictator Batista was Cuba economisch gegijzeld door Amerikaanse belangen, maar de gewone Cubaan bleef achter. Castro draaide dat model abrupt om. Nationalisaties volgden, bedrijven werden onteigend, en de Amerikaanse invloed werd resoluut teruggedrongen. Een breuk die niet zonder gevolgen bleef. Dit was het opzet van de revolutie: geen buitenlandse bazen meer, geen armoede voor boeren, geen elite die leefde in decadentie terwijl het platteland honger leed. Castro sprak de taal van onafhankelijkheid en sociale rechtvaardigheid. Voor miljoenen Cubanen in Latijns-Amerika werd Cuba plots een symbool van verzet tegen imperialisme. De geschiedenis straft idealisme vaak genadeloos af. Toen Castro Amerikaanse bedrijven nationaliseerde, reageerde Washington furieus. Wat begon als economische druk, groeide uit tot een wurggreep die al 65 jaar duurt. De Amerikaanse sancties - in Cuba eenvoudigweg 'el bloqueo' genoemd - sloten het eiland langzaam af van de wereldeconomie. Geen normale handel. Geen toegang tot Amerikaanse markten. Geen financiële ademruimte. Toen Castro Amerikaanse bedrijven nationaliseerde, reageerde Washington furieus In Amerika komt John F. Kennedy begin 1961 aan de macht, een goed jaar na Castro in Cuba. Hij wordt meteen opgejut door de gevluchte eerste golf bannelingen in Miami - meestal vermogende en conservatieve Cubanen uit de elite - om een invasie te lanceren in de Cubaanse Varkensbaai. Cuba moet worden teruggepakt. Dat is het plan. Eerdere complotten van de CIA om Castro uit de weg te ruimen waren al mislukt. Op 17 april 1961 zijn 600 Cubaanse rebellen klaar voor de inval. Ze wachten op de toestemming van JFK voor de eerste luchtaanval. Die mislukt. 6 bommenwerpers hebben nog niet een tiende van Fidel Castro's luchtmacht vernietigd. Het is duidelijk: Kennedy wil niet voluit gaan. Rebellen die neerstrijken in de Varkensbaai aan de Cubaanse zuidkust worden neergemaaid door vlammenwerpers van Castro's volksmilities. Castrogetrouwen met kettingzagen onthoofden gestrande rebellen. De invasie van Cubaanse ballingen in de Varkensbaai in april 1961 was een groot fiasco De invasie wordt een fiasco. Kennedy wil geen luchtsteun geven en geen Amerikaanse troepen sturen. Amerika wordt vernederd: er vallen 90 doden, en er zijn ruim 1.000 gevangenen, die pas vrijkomen na betaling van 50 miljoen dollar. De VS kan de nederlaag in de Varkensbaai nooit verkroppen. Eén van de redenen voor de hardnekkige boycot die nu al 65 jaar duurt. In 1962 wordt het handelsembargo formeel ingesteld. Het is bedoeld om druk uit te oefenen, om de Castro-regering economisch op de knieën te krijgen. Het had ook een ander effect: het duwde Cuba door de dagelijkse realiteit van schaarste steeds dieper in de armen van de . Tijdens de werd Cuba daardoor een pion op het wereldtoneel, maar ook een beschermd eiland. Moskou pompte miljarden in de Cubaanse economie. In ruil kreeg het een ideologische bondgenoot op amper 150 kilometer van de VS. Het was een uitermate gevaarlijk moment toen de Sovjets in 1962 raketten op Cuba installeerden. De wereld hield de adem in en stond even aan de rand van een Derde Wereldoorlog. 13 lange crisisdagen in oktober. Kennedy eiste dat de raketsites van de USSR ontmanteld zouden worden, anders kwam er oorlog. Een nucleaire catastrofe werd op het nippertje vermeden. Kennedy speelde blufpoker en kon in oktober 1962 op het nippertje een oorlog met de USSR en Cuba vermijden Voor de Cubanen bracht de Sovjetsteun jaren van relatieve stabiliteit: onderwijs en gezondheidszorg werden uitgebouwd, basisvoorzieningen bleven gegarandeerd. Maar het systeem was fragiel. Het draaide op externe steun en interne controle. Toen de Sovjet-Unie in 1991 implodeerde, viel Cuba in een zwart gat. De beruchte 'Speciale Periode' brak aan: voedseltekorten, stroomonderbrekingen en een economie in vrije val. De Cubanen leerden overleven met veel minder. Rantsoenering werd de dagelijkse realiteit. Toch bleef het regime overeind, deels door repressie, deels door een diepgeworteld nationalisme dat gevoed werd door de voortdurende vijandigheid van de VS. De sancties gingen nooit weg. Meer nog, ze werden aangescherpt. Wetgeving zoals de Helms-Burton Act uit 1996 - tijdens het presidentschap van Bill Clinton - maakte het embargo vrijwel onaantastbaar. Terwijl Washington hoopte het regime te verzwakken met het embargo, gaf het de Cubaanse leiders tegelijk een eeuwig excuus voor hun eigen falen. Elke lege winkel, elke kapotte bus, elke stroomonderbreking kon worden verklaard met dezelfde vijand: Amerika. Dat is misschien het meest opmerkelijke aan Cuba: hoe een systeem dat elders allang zou zijn ingestort, zichzelf telkens opnieuw wist recht te houden. Door controle en nationalistische trots. Maar ook doordat veel Cubanen bleven geloven dat hun ellende niet alleen door Havana werd veroorzaakt, maar evenzeer door Washington. Het Cubaanse regime bleef overeind, door repressie, en door een diepgeworteld nationalisme, gevoed door de voortdurende vijandigheid van de VS In 2016 leek even een andere toekomst mogelijk. Amerikaans president Barack Obama wandelde door Havana alsof de ban van de geschiedenis eindelijk gebroken was. De Verenigde Staten heropenden hun ambassade in Havana. Obama zei: "Todos somos Americanos." We zijn allemaal Amerikanen. Toeristen kwamen terug. Cubaanse ondernemers openden kleine restaurants en pensions. Er hing voorzichtig optimisme in de lucht. Het duurde niet lang. Donald Trump draaide bij zijn verkiezing veel versoepelingen terug. Trump was populair bij de conservatieve Cubaanse ballingen in Miami. In 2020 kwam het coronavirus, en het toerisme — de levensader van Cuba — stortte in elkaar. De Cubaanse economie implodeerde. Inflatie vrat lonen op. Voedsel werd schaars. Geneesmiddelen verdwenen uit apotheken. Steeds meer Cubanen beseften dat wachten op verandering zinloos was. De dooi tussen de VS en Cuba, tussen Barack Obama en Raúl Castro, was kortstondig In 2026 is Cuba een land van oude mensen en lege dromen. Fidel Castro is al bijna 10 jaar dood, zijn broer Raúl is een levend relict van 95 jaar oud. Wie jong is, wil weg. Naar Miami, of naar Spanje. De afgelopen 5 jaar hebben naar schatting 1 miljoen Cubanen het eiland verlaten, de grootste uittocht in de Cubaanse geschiedenis. Ze vertrekken naar eender waar waar elektriciteit geen luxe meer is. De revolutie die ooit de toekomst beloofde, lijkt vandaag vooral een monument van koppigheid. En toch is het te simpel om Cuba alleen als een mislukt communistisch experiment te beschrijven. Ja, het regime verstikte politieke vrijheid. werden opgesloten. Kritiek bleef gevaarlijk. Ik zag het in 2005 met eigen ogen, toen ik als toerist door de geheime politie op de luchthaven van Havana werd ondervraagd, simpelweg omdat ik een lift had gekregen van bevriende Cubaanse burgers. De communistische staat controleerde te veel en produceerde te weinig. Alles is zogezegd gratis, maar er liggen geen producten in de rekken. Het is een verstarde revolutie. Een enorme zwarte markt floreerde, voor rum, of voor Cohiba-sigaren. Wie als toerist lekker wil eten, gaat naar de 'paladares', eethuisjes in de huiskamer bij gewone Cubanen thuis: betere kwaliteit en sfeer dan in de door de staat gerunde restaurants. Een verarmd Cuba, met een verstarde revolutie. Wie vandaag door Havana wandelt, ziet geen triomf van socialisme of kapitalisme. Je ziet vermoeidheid. Mensen die uren aanschuiven voor brood. Families die leven van dollars die vanuit Miami worden doorgestuurd. Gebouwen die langzaam instorten, alsof ook de architectuur haar geloof verloren heeft. Maar je ziet en hoort ook de heerlijke muziek op alle straathoeken. Oude mannen zorgen met hun conga's voor de 'son cubano', alsof de tijd geen vat op hen heeft. Denk aan de Buena Vista Social Club. De Malecon, de iconische kustboulevard van Havana Cuba blijft een eiland dat weigert te breken of te plooien. Misschien is dat uiteindelijk de tragiek van Cuba: dat het land nooit echt bevrijd raakte van zijn verleden. Niet van Batista. Niet van Castro. Niet van Amerika. Niet van de revolutie zelf. De geschiedenis hangt er nog altijd zwaar in de lucht, net zoals de zilte zeewind boven de wereldberoemde Malecón. De blik van Björn "De ergste vloek die de techniek over ons heeft gebracht, is dat zij het onmogelijk maakt de actualiteit ook maar één seconde te vergeten." Woorden van Stefan Zweig in zijn beroemde boek 'De wereld van gisteren'. Elke zondag richt Björn Soenens zijn blik op de wereld en wat daarin verschuift en wankelt. Intussen proberen we met z'n allen niet mentaal te bezwijken onder de kolkende nieuwsstroom.